Om leerlingen in aanmerking te laten komen voor zorgvergoeding bij dyslexiebehandeling, hebben scholen de verplichting om hardnekkige lees-spellingsproblemen op woordniveau aan te tonen . Hoe toon je die hardnekkigheid aan? Het uitgangspunt bij de diagnose is Blomert 2006 (Protocol Dyslexie Diagnostiek & Behandeling). Het protocol van Bloomert geeft alleen de verplichting dat leerlingen waarbij een leesprobleem wordt geconstateerd, drie to zes maanden extra begeleiding moeten krijgen. De zorgverzekeraar mag zich niet bemoeien met de soort van begeleiding. De school bepaalt zelf hoe de ondersteuning wordt ingericht. Dit kan zelfs met een leeshond (gebruiken ze in amerika).
De protocollen gelden voor DE-leerlingen. Verder is het werken volgens het onderwijscontinuum van belang (Struiksma; CED). Dit houdt in passend onderwijs voor groepen leerlingen. Niet direct leerlingen buiten sluiten.
Er bestaat geen duidelijke scheidslijn tussen leesprobleem en dyslexie. Daardoor is diagnostiek moeilijk. Veel leerlingen die een D-score hebben eerst proberen hoger te krijgen door verlengde instructie en werken met Connect. Preventief handelingsgericht werken met groepsplannen. Zoveel mogelijk kinderen erbij houden. Als groep 3 in zijn geheel achterblijft, werk dan aan verbetering in groep 1, 2 en 3
De vergoedingsregeling is ingesteld voor kinderen met ernstige belemmering in onderwijs. Kinderen die kunnen compenseren krijgen geen vergoeding. De regeling gaat ervan uit dat 6% van de leerlingenvoor diagnostiek in aanmerking komt en 5% voor behandeling. Leerlingen waarbij sprake is van comorbiditeit met een andere stoornis krijgen geen vergoeding. 50% van de aanmeldingen krijgt uiteindelijk vergoeding voor een dyslexiebehandeling. VWS wil geen onderwijsprobleem oplossen.
DMT: De oude DMT kan drie aparte scores geven. De nieuwe DMT middelt de drie kaarten, wat betekent slechts 1 score. Maar de nieuwe normering van DMT is veel strenger. Dit komt omdat kinderen vaak veel vroeger met lezen beginnen dan voorheen. De normering is goed uitgevoerd en gebaseerd op het gemiddelde niveau van alle leerlingen in Nederland. Leerkrachten hebben hierdoor het idee achter de feiten aan te hobbelen. Elke verbetering die zij bewerkstelligen wordt ingehaald door een gemiddeld hoger leesniveau in Nederland.
AVI is heel lang het gangbare instrument geweest. Twee Avi's vooruit per jaar was heel gangbaar. Met de nieuwe Avi is het lastiger te meten. Avi meet op tekstniveau en de DMT meet precies de vaardigheid om op termijn dyslexie vast te stellen. Avi is nu ook een Cito-toets.
Vooruitgang meet je het beste met DMT. Vooruitgang betekent dat een leerling elk half jaar een niveau hoger scoort. DLE,s zijn erg onbetrouwbaar. Ze geven niet goed de vooruitgang aan.
Cito normeringtoets gebruiken
Het voorspellen van leesvaardigheid kan niet duidelijk gebeuren door de auditieve vaardigheden van het kind. Letterherkenning doet dat wel. Auditief altijd heel direct linken aan het visuele verhaal.
Connect gaf als bijeffect dat kinderen niet alleen beter gingen lezen maar ook beter leerden schrijven.
Belangrijk aspect bij leesinterventies is het gebruiken van schrijven als ondersteunend werken.
Bij zwakke lezers moet verspreid over de week een extra uur worden gelezen. Dit kan ook in groepjes van 3 of 4 leerlingen. Bij connectlezen is de ervaring dat het prima kan met klassenassistenten. Ralfilezen gebeurt vanaf groep 4 en kan ook in het VO
Als een verzekeraar oneigenlijke eisen stelt, meldt het dan bij op www.matserpaln.dyslexie.nl. Stem af met geaccrediteerde behandelaars in de regio (OBD noord west heeft lijst met punten die goed tot een handelingsplan kunnen leiden). Nu geeft het nog fricties, maar het zal op termijn beter gaan.
Draai naar de verzekeraar de bewijslast maar eens om. Laat hun de argumentatie maar een funderen, wij moeten het onderwijs sterk maken. Let op artikel van Ruisenaas wat je mag verwachten van de behandelaar (zie presentatie). Testen en blijven testen geeft al een interventie in de praktijk. (Zie presentatie voor effectieve interventies).
Marja Borgers en Marian Konijn
1. Bij het Expertisecentrum Nederlands worden nieuwe katernen ontwikkeld voor cluster 2 en cluster 4. Ook worden er protocollen ontwikkeld voor MBO en HBO.2. Dyslexie kun je pas signaleren vanaf groep 3. Kleuters kunnen nog geen dyslexie hebben.